Boete cruiseschip Oasis of the Seas van tafel: Rotterdam weer open voor business!

Rotterdam

24.03.2020

Alle sectoren

De rechtbank in Den Haag heeft het bezwaar van de rederij Royal Carribean Cruise Ltd. (RCCL) tegen de boete, opgelegd voor werk aan het cruiseschip Oasis of the Seas in 2014, gegrond verklaard. Na meer dan 5 jaar onzekerheid, waardoor grote internationale klanten weg bleven uit Nederland, heeft de maritieme sector nu duidelijkheid gekregen.

 

Volgens Rob Verkerk, voorzitter van Nederland Maritiem Land (NML), is dit heel goed nieuws, niet alleen voor de werven die onderhoud en reparatie verrichten en voor de vele toeleveranciers, maar voor de gehele maritieme sector. “Met meer dan een kwart miljoen banen en veel internationale klanten kunnen we ons geen onduidelijke regelgeving veroorloven; we zijn weer open voor business. Het is belangrijk om de banenmotor weer aan de gang te helpen en deze zekerheid voor buitenlandse reders helpt daar zeker bij. Het is wel zaak dat minister Koolmees deze uitspraak respecteert en er weer rust in de haven komt”.

De rechter heeft geoordeeld dat de uitleg die RCCL geeft aan de regelgeving voor de niet-EU leden van de “Riding Crew” aan boord van de cruiseschepen, correct is en er dus voor deze zeemannen geen tewerkstellingsvergunning benodigd is. Kernpunt van de uitspraak is dat een cruiseschip wordt aangemerkt als een “vervoermiddel in het internationale verkeer”. Dat is ook het geval als het schip tijdelijk in het dok ligt. Voor niet-EU medewerkers die buiten Nederland wonen, in dienst zijn van een buitenlandse opdrachtgever en alléén werken op de cruiseschepen behoeft dus volgens de huidige regels geen werkvergunning aangevraagd te worden.

Door de ontstaande onduidelijkheid en de opgelegde boete blijven de grote reders in de cruise- en offshore-markt weg uit Rotterdam terwijl juist Rotterdam, met het grootste droogdok in Europa en de beschikbaarheid van een uitgebreide maritieme (kennis)netwerk, uitermate geschikt is als een one-stop-shop voor grote internationale klanten. De afgelopen jaren zijn er nauwelijks grote reparatie- en onderhoudsopdrachten voor grote schepen in Nederland geweest en ging er jaarlijks voor zeker 100 M€ aan opdrachten voorbij. De uitspraak van de rechter biedt duidelijkheid voor opdrachtgevers en werven. Rob Verkerk: “deze duidelijkheid die de rechter nu geeft, is belangrijk voor onze imago als maritiem land. We vertrouwen er op dat minister Koolmees daar nu niet aan gaat morrelen en daarmee juist de onzekerheid weer jaren laat voortduren.”