De uitstempelzaak

Rotterdam

12.01.2021

Zeescheepvaart

De uitstempelzaak vindt zijn oorsprong in 2016 toen de Zeehavenpolitie Rotterdam besloot in het geval van voor onderhoudswerkzaamheden langdurig in Rotterdam afgemeerde zeeschepen (zoals offshore schepen) het reisdocument van zeevarenden niet meer van een uitreisstempel te voorzien bij aanmonstering aan boord van het schip, maar pas op het moment dat het schip zou vertrekken. Daarmee werd afgeweken van de gangbare stempelpraktijk in de Nederlandse zeehavens, maar ook in de andere EU-lidstaten.

 

Het uitstempelen houdt in dat een stempel in het paspoort van de zeevarende wordt geplaatst ten bewijze dat hij het Schengengebied heeft verlaten. Het aanbrengen van het uitreisstempel is van belang om aan te kunnen tonen dat de maximale verblijfstermijn van 90 in 180 dagen in het Schengengebied niet is overschreden. Door het pas bij vertrek van het schip uitstempelen van het reisdocument werd in het geval van de langdurig in Rotterdam gemeerd liggende schepen de maximale tijd dat de aanmonsterende bemanningsleden op deze schepen konden verblijven beperkt tot maximaal 90 dagen.  

Door de betrokken bedrijven en zeevarenden werd een reeks van rechtszaken gestart tegen de Nederlandse overheid, terwijl met de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de afspraak werd gemaakt de ‘oude’ stempelpraktijk te continueren tot de gerechtelijke procedures waren afgerond. De rederijen en zeevarenden werden door de Rechtbank Rotterdam in het gelijk gesteld, waarna de staatssecretaris hoger beroep instelde bij de Raad van State.

Voordat in deze zaak een besluit werd genomen werd door de Raad van State eerst een aantal vragen gesteld bij het Europese Hof van Justitie over de uitleg van de Schengengrenscode. In beantwoording van deze vragen door het Hof werd in februari 2020 de uitspraak gedaan dat de reisdocumenten van aanmonsterende zeevarenden aan boord van langdurig in een haven afgemeerde zeeschepen pas van een uitreisstempel dienen te worden voorzien op het moment dat de gezagvoerder de kennisgeving van afvaart heeft gegeven volgens de geldende havenvoorschriften.

Vervolgens heeft de Raad van State in november 2020 uitspraak gedaan, waarin wordt gesteld dat in alle gevallen, en niet alleen bij langdurig binnenliggende schepen, het uitreisstempel pas in het reisdocument van de aanmonsterende zeevarenden mag worden geplaatst als de kapitein van het schip melding heeft gemaakt van de ophanden zijnde afvaart van het schip (en daarmee dus niet mee per definitie bij het moment van aanmonstering, ook niet in het geval van kort binnenliggende schepen). Door de Raad van State werd ook aangeven dat ter zitting was begrepen dat de staatssecretaris met de relevante partijen in de sector en andere lidstaten in overleg zou treden om komen tot een werkbare aanpassing van de uitvoeringsprocedures en een gelijk speelveld te borgen binnen het Schengengebied.

Helaas werd in december 2020 door het ministerie van Justitie en Veiligheid eerst mondeling en daarna schriftelijk aangegeven dat de maximale termijn tussen uitstempelen en afvaart van het schip op drie dagen wordt gezet en deze regeling per 1 januari 2021 aangepast en per februari 2021 uitgevoerd zal gaan worden. Mondelinge en schriftelijke verzoeken van partijen in de sector, waaronder de KVNR, om de regeling pas aan te passen na overleg met de sector over de werkbaarheid ervan en na overleg met andere EU-lidstaten in het kader van het borgen van het gelijke speelveld binnen het Schengengebied zijn tot nu toe tevergeefs geweest.      

De KVNR en andere partijen in de sector zijn echter van mening dat met het nu door de staatssecretaris genomen besluit een situatie zal worden gecreëerd die in de praktijk onnodig gecompliceerd zal zijn, die de sector met onnodige kosten en administratieve lasten zal opzadelen en die de aantrekkelijkheid van Rotterdam als haven voor onderhoudswerkzaamheden aan langdurig afgemeerde schepen zal ondergraven. De KVNR en andere partijen in de sector beraden zich momenteel op vervolgstappen om alsnog tot een aanpassing van het nu door de staatssecretaris genomen besluit te komen.

bezoek website KVNR